HOMENIEUWSBIOGRAFIEBIBLIOGRAFIEFRAGMENTENPERSLINKSCONTACTDICHTER DES VADERLANDS
Uit Homo safaricus (2009)
 

 
Zeven uur ’s ochtends. Ik bewaar een geheim in mijn tent. Vandaag ben ik de boodschapper van groot nieuws. Mijn kranten zijn op, maar via sms werd ik vannacht op de hoogte gebracht van iets schokkends. Als een godheid verlaat ik mijn tent. Herwig is de eerste die ik zie. Met gevoel voor timing verkondig ik: ‘De Belgische regering is gevallen…!’ De prof kijkt op, hij gespt zijn riem intussen wat verder aan.
‘So what?’ En hij gaat voort met het maken van zijn toilet.
Drie minuten later toont hij ons grijnzend van geluk een grote, op de grond gevonden miljoenpoot. Het schepsel ligt in elkaar gerold als een gepantserde chipolataworst, maar Herwig trekt hem voorzichtig uiteen, waarbij de ontelbare pootjes beginnen te spartelen. Hij laat ons de verschillende onderdelen zien – tracheeën, stigmata, segmenten – en zet hem dan weer neer. Na een korte pauze wandelt de reuzenmiljoenpoot weg; al zijn voetjes tegelijk vormen een vloeiende, volmaakte golfbeweging onder zijn lichaam. Zo gracieus en slingerend als hij zich voortbeweegt, zo totaal onthand sta ik erbij.
Soms heb ik het idee uiteen te vallen. Vandaag ga ik op pad met de knaagdieren. Na het ontbijt wandelen we van het kamp naar de eerste rattenlocatie. Herwig en ik gaan voorop, afgezien van een fraaie libel die weer voor ons uit vliegt. Ik kijk naar de weg onder onze voeten: intens rode aarde. We passeren bomen die er eigenlijk hetzelfde uitzien als bij ons; alleen zijn de bladeren nu zo groot als kleine kinderen. Vanaf een tak houdt een uil ons in de gaten. Cultuur omringt mij als een doorschijnend vlies. Ik zweef hier rond in mijn bel, rakelings scherend langs doornenstruiken te midden van malariamuggen en tseetseevliegen. Ik ben bang dat ze mijn bel zullen doorprikken. Intussen heb ik nauwelijks in de gaten hoe iets anders aan mijn omhulsel is beginnen te knagen.
Professor Herwig Leirs knabbelt aan mijn vlies. Wanneer ik hem al wandelend over de rode weg vraag waar natuur precies eindigt en cultuur begint, antwoordt hij verbaasd: ‘Ik snap niet zo goed wat je bedoelt. Er bestaat helemaal geen tegenstelling tussen die twee. Cultuur is een volledig natuurlijke aanpassing aan onze omgeving.’ Hij lijkt echt niet te begrijpen waarop ik doel. Ik heb mezelf aldoor de verkeerde vraag gesteld.


over
Homo safaricus (2009)

pers
De volkskrant
Knack